Histotheek.nl
Home arrow GRIEKEN EN ROMEINEN arrow Grieken: De Griekse tijd in vogelvlucht
 
 
Grieken: De Griekse tijd in vogelvlucht Afdrukken E-mail

Image
Bacchus en Ariadne, dochter van koning Minos
Griekenland was het eerste Europese gebied dat, historisch gezien, tot ontwikkeling kwam. De Grieken hadden veel contact met de oosterse volken, door de gunstige ligging ten opzichte van Klein-Azië en de overige Middellandse Zeegebieden.
De oorspronkelijke bewoners van Griekenland waren Kleinaziatische volksstammen, die rond 2000 v.C. door Indogermaanse stammen, die uit het noorden kwamen, werden verdreven.

Het eiland Kreta werd al rond 3000 v.C. bewoond door een zeevarend en handeldrijvend volk. Op hun tochten kwamen zij in aanraking met de Oosterse beschaving. De beschaving van de Kretenzers wordt naar één van de bekendste koningen, Minos, de Minoïsche beschaving genoemd. Op Kreta zijn veel opgravingen gedaan, die veel vertellen over deze hoogontwikkelde cultuur.

De Indogermaanse stammen die Griekenland binnendrongen, noemden zichzelf Hellenen. Ze veroverden het gehele schiereiland en vermengden zich met de oorspronkelijke bewoners. De belangrijkste stad was Mycene en dus spreken we van de Myceense cultuur. Deze cultuur werd sterk beïnvloed door de Minoïsche cultuur.

Rond 1400 v.C. veroverde de koning van Mycene het eiland Kreta en verwoestte daar alle paleizen en gebouwen. Een eeuw later vestigden zij zich ook op de kust van Klein-Azië. Beroemd werd de strijd tegen Troje.

Een andere stam, de Doriërs, vielen het noorden van Griekenland rond 1200 v.C. binnen. Er ontstond grote verwarring en uiteindelijk vestigde deze stam zich in de Peloponnesus (Zuid-Griekenland) en aan de macht van de Myceense koningen kwam een eind.
Een Griekse staat was toen nog niet gevormd. Er woonden op dat moment drie belangrijke stammen: Doriërs, Ioniërs en Aeoliërs. Men wilde de krachten zoveel mogelijk bundelen. Twee grote steden bleven elkaar echter bestrijden; Sparta en Athene.

Sparta

Sparta was een militaristische staat. Jongens werden al vanaf hun zevende jaar aan het gezin onttrokken en kregen een militaire (Spartaanse) opvoeding. De macht was in handen van twee koningen die het leger aanvoerden en vijf eforen (opzichters) die het land regeerden. De Spartanen waren van mening, dat het land geregeerd moest worden door de aristocraten (= aanzienlijken); het gewone volk telde niet mee.

Athene

 

Athene vormde een volledige tegenstelling tot Sparta. Door de wetgeving van Solon (rond 600 v.C.) had iedere burger stemrecht gekregen in de volksvergadering, al kon hij niet in een ambt gekozen worden. In zekere zin was hier dus sprake van een democratie (demos = volk, kratos = macht).

De Perzen hadden de Griekse vestigingen in Klein-Azië veroverd en drongen steeds meer op. Gebieden ten noorden van Griekenland – Macedonië en Thracië – werden door hen bezet.

Perzische oorlogen

Toen de Grieken in Klein-Azië met hulp van Athene in opstand kwamen tegen de Perzen, besloot Darius I Griekenland te onderwerpen. De eerste poging van hem in 492 v.C. mislukte volledig. Darius was met een landleger door Thracië en Macedonië getrokken, maar zijn bevoorradingsvloot leed schipbreuk en hij zag zich dus genoodzaakt terug te keren naar Klein-Azië. Darius ondernam een tweede poging die nog slechter afliep. Met een vloot van 20.000 man stak hij over naar Griekenland. Hij wilde Athene belegeren. Maar de Atheense leider Miltiades trok met zijn veel kleinere leger de stad uit en versloeg de Perzen bij Marathon; Darius sneuvelde in deze veldslag.

Xerxes, opvolger van Darius, wilde wraak. Na geweldige voorbereidingen, die tien jaar in beslag namen, trok hij met een leger van ruim 100.000 man via Thracië en Macedonië Griekenland binnen. Een Spartaans leger van slechts 300 man wist de grote overmacht staande te houden in de pas van Thermopylae. Aanvoerder Leonidas en zijn dapperen moesten echter door verraad het onderspit delven. Toen lag de weg naar Athene open. Op aanraden van Themistocles trokken de inwoners van die stad zich terug op eilanden voor de kust. In de Baai van Salamis lag de Griekse vloot. Themistocles slaagde erin de Perzen ertoe te brengen daar slag te leveren. De Perzische vloot werd door de Grieken vernietigd. Xerxes keerde ijlings terug naar Klein-Azië. Zijn legers werden een jaar later (479) door de Spartaanse koning Pausanius bij Plataeae beslissend verslagen. Griekenland was de baas over Perzië.

Pericles

Onder Themistocles was Athene op de voorgrond getreden. Tijdens Pericles nam de ontwikkeling van deze stad nog meer toe. Pericles bevorderde de welvaart en steunde de wetenschap en kunst. Tijdens zijn bewind verslechterde echter ook de verhouding met Sparta. Beide steden dongen naar de macht in Griekenland.

Peloponnesische oorlog

Tussen 431 en 404 v.C. werd de Peloponnesische oorlog gevoerd. Het ging om de hegemonie (alleenheerschappij) in Griekenland tussen Athene en Sparta. Omdat de Atheense strijdmacht niet opgewassen bleek tegen de legers van Sparta, kon de Spartaanse koning Lysander de bewoners van Athene onderwerpen.

In 429 v.C. brak er in Athene een pestepidemie uit. Ook Pericles overleed aan de gevreesde ziekte. De Atheense volksvertegenwoordiging wist een wapenstilstand met Sparta te bewerkstelligen.

Enkele jaren later brak de strijd weer los, toen de eerzuchtige Atheense edelman Alcibiades Sicilië wilde veroveren. Zijn poging mislukte en hij werd uit Athene verbannen. Hij liep toen over naar de Spartanen en verraadde de zwakke plekken van Athene. Na een verpletterende nederlaag in 405 werd Athene gedwongen vrede te sluiten. Sparta was aan de macht. Er ontstond echter al spoedig verval. Na Sparta kwam Thebe voor korte tijd aan de macht.

Een nieuwe staat trad steeds meer op de voorgrond, Macedonië. In 359 v.C. beklom Philippus van Macedonië de troon. Al spoedig veroverde hij Thracië. Toen hij zijn oog op Griekenland liet vallen, verenigde de Atheense redenaar Demosthenes de Atheense en Thebaanse legers. In 338 v.C. versloeg Philippus de Grieken bij Chaeronea.

Griekenland leek afgedaan te hebben, maar het was juist Philippus (vermoord in 336 v.C.) en zijn zoon Alexander de Grote die Griekenland tot de machtigste staat maakten.

In 334 v.C. begon Alexander de Grote aan zijn beroemd geworden veldtocht tegen de Perzen. Hij stak met zijn goed getrainde leger van 35.000 man de Hellespont over en versloeg het eerste Perzische leger bij de rivier de Granicus. Een jaar later versloeg Alexander het geweldige leger van Darius III bij Issus. Vervolgens trokken de legers naar Egypte en daar werd de stad Alexandrië gesticht.

Bij Gaugamela kwam het tot een tweede treffen tussen Alexander de Grote en Darius III. Weer werd het Perzische leger vernietigd. Zegevierend trok de Macedoniër Perzië binnen. De Perzische cultuur werd gekoppeld aan de Griekse beschaving. Met gejuich werd de nieuwe heerser begroet in Babylon, Susa, Persepolis en Ecbatana.

Het huwelijk van Alexander met Roxane, de dochter van Darius III, was het symbool voor Alexanders streven naar samensmelting van de twee beschavingen.

In 327 ging Alexander opnieuw op veldtocht. Ditmaal trok hij met zijn legers India binnen en stichtte ook hier een aantal steden. Toen hij in 323 in Babylon uitrustte van een van de vele expedities die hij ondernam, werd hij ernstig ziek. Hij overleed zonder een opvolger na te laten.

Het grote rijk dat hij gesticht had, viel uiteen. De veldheren van Alexander streden om de macht en verdeelden uiteindelijk het rijk in drie delen. Antigones verwierf Macedonië en Griekenland. De Griekse cultuur gold in het hele gebied dat Alexander de Grote veroverd had, als maatgevend. Athene werd de geestelijke hoofdstad van de wereld. Dat bleef zo, totdat een nieuw en machtig rijk de wereldheerschappij zou opeisen; de Romeinen.

 

Weblinks:
http://www.nationalgallery.org.uk/collection/features/potm/2004/feb/storya.htm

 
< Vorige   Volgende >
 
 
© 2010 Histotheek.nl
 

Gratis oefenmateriaal

ZOEKEN IN WIKIPEDIA

Search Wikipedia

site stats