Romeinen: De bevolking van het Romeinse Rijk
De Tien Tijdvakken - Tijd van Grieken en Romeinen
Het Romeinse Rijk was het eerste en grootste Europese rijk uit de geschiedenis. De inwoners van Rome hadden door een goede organisatie en een succesvol leger steeds meer land veroverd: eerst Midden-Italië, toen heel Italië, daarna delen van de Middellandse-Zeekust en tenslotte half Europa, Noord-Afrika en een deel van het Nabije Oosten. De inwoners van al die streken werden sterk beïnvloed door de Romeinse cultuur. Later werd het steeds moeilijker om het rijk bij elkaar te houden. Niet-Romeinen in Romeinse dienst namen steeds meer de macht over en omstreeks 400 kwam er een einde aan het westelijk deel van het Rijk. Het oostelijk deel bleef tot ver in de Middeleeuwen (1453) bestaan.
Hieronder zie je een afbeelding van de bevolkingsopbouw in het Romeinse Rijk.
Laag 1: Senatoren en grootgrondbezitters. Helemaal bovenaan, in de eerste laag (de top van de samenleving), stonden de senatoren. Zij kwamen voort uit de oude adel, en daarom waren ze erg rijk en bezaten zij grote landgoederen in de omgeving van Rome. De senatoren woonden in de stad en deelden de lakens uit in de politiek.
Laag 2: Rijke handelaars, bankiers en hoge militairen. In de tweede laag zaten de rijke kooplieden, bankiers en hoge militairen. Ook de mensen uit deze laag stonden nog erg hoog in de samenleving.
Laag 3: Kleine zelfstandigen. De kleine zelfstandigen, zoals de boeren en winkelaars, zaten in deze laag. Deze groep was dus eigenlijk de groep van de 'gewone' burgers; schoolmeesters, bakkers, timmerlieden, slagers, kunstenaars en artsen. De kleine zelfstandigen hadden het niet altijd even makkelijk; vaak was het moeilijk om het hoofd boven water te houden. Als dit niet lukte, belandden ze in de laagste groep van de samenleving.
Laag 4: Arme burgers. In de vierde laag zaten de arme burgers. Zij hadden geen vaste baan, en ze hadden vaak ook bijna geen bezit. Ze woonden in flats in de arme wijken van de stad. Deze mensen werden ook wel proletariërs genoemd.
Laag 5: De on-vrijen. Helemaal onderaan in de maatschappij bevonden zich de on-vrijen, de slaven. Zij hadden geen rechten, en waren eigendom van rijke personen. Ze konden dus gewoon verkocht worden.
Bronnen:
http://www.archeos.nl/detailtekst/index.php?detailtekstID=34
| < Vorige | Volgende > |
|---|
Nieuw(s) op deze site
- Huis Doorn en de Eerste Wereldoorlog
- Examenforum voor docenten
- Basiskennis Geschiedenis (entreetoets Pabo)
- Nationale Molendagen (11 en 12 mei 2013)
- Slag om Grebbeberg verfilmd
- Niet weggooien!
- Gratis E-boek (t/m 9 mei 2013)
- Swart op de Gracht: tentoonstelling slavernij
- Aquarellen over Japanse bezetting tijdens WO2
- Het Rijksmuseum
- Geschiedenisdidactiek
- Van Toen tot Nu: Geschiedeniscanon in stripvorm
- Van Gogh, een huis voor Vincent (deel 4)
- Van Gogh, een huis voor Vincent (deel 3)
- Van Gogh, een huis voor Vincent (deel 2)
- Van Gogh, een huis voor Vincent (deel 1)
- Rembrandt en ik (deel 4)
- Rembrandt en ik (deel 3)
- Rembrandt en ik (deel 2)
- Rembrandt en ik (deel 1)













